Toiletpraat



Mijn collega bevestigt mijn onderbuik gevoel. ‘Volgens mij gaat het niet goed met Amira.’ Het klopt. Het gaat niet goed met haar. Maar ik ben niet haar studieloopbaanbegeleider. Ook heb ik er inhoudelijk nog niet met haar over gesproken. Het is nog enkele weken tot de zomervakantie. Ze is slim, volwassen. Ze houdt docenten soms een beetje op afstand. Het zijn toch haar problemen? Moet ze deze niet gewoon zelf oplossen? Is school er niet alleen om te ondersteunen bij studie gerelateerde zaken? Ik accepteer deze grens maar heb me al vaker afgevraagd of ik hier niet iets mee moet doen. Misschien een gesprek plannen in deze slotweken? Maar gaat dit dan de doelen niet voorbij? Overschrijd ik dan niet de subtiele grens die ze aan lijkt te geven? Ze maakt immers geen gebruik van de handvaten die ik aanreik. Blijkbaar heeft ze hier dan ook geen behoefte aan. Of is ze hier te bescheiden voor? Ik frustreer me over mijn eigen handelingsverlegenheid.
 
Fijne sfeer
Ik zet mijn klas aan de slag voor de diplomering. In deze laatste les werken ze aan een eindopdracht waarin ze elkaar een blijvende herinnering meegeven. Er is koffie, er is thee. Er zijn koekjes en er is een fijne sfeer. Het schooljaar zit er op. De klas zit vol met afgestudeerde jongvolwassenen. Voor mij de perfecte timing om even naar de wc te gaan.

Ramadan
Ik zie het spiegelbeeld van Amira. Ze is druk in de weer met mascara. ‘Ja, ik dacht… ik ontwijk het eten en drinken maar even. Ik doe mee aan de Ramadan. Zo kan ik mijn tijd toch nog nuttig besteden.’ Ze glimlacht in de spiegel. Ik raak met haar aan de praat. Ze vertelt me over haar toekomst. Wat zou ze graag verder willen studeren. Het liefst in een andere stad. ‘Ik weet gewoon nog steeds niet wat ik wil Anke. En ik ben al 22.’ Ik zie de wanhoop in haar ogen. Ze wil de stad uit. Haar familie ontvluchten. Ze vertelt me over haar verantwoordelijkheidsgevoel. De lange dagen. De taken die ze thuis op zich neemt. Haar zieke moeder, de familieruzies. Ze vertelt me over het verschil tussen mannen en vrouwen in de Marokkaanse cultuur. Wat dit betekent voor haar als jongste dochter. Ze wil zo graag studeren, werken, een bestaan opbouwen. Maar weggaan zou betekenen dat ze haar familie verraadt, ten schande brengt. Ze vertelt over haar zus die in Amsterdam woont. Die destijds wel de keuze heeft gemaakt. Over haar broers. En de gevolgen voor haar. Ze is nog het enige meisje in huis. ‘En weet je… mijn moeder kan er ook niks aan doen. Zij is weer heel anders opgevoed. Zij brengt ook alleen maar haar cultuur over. Ik kan het haar niet kwalijk nemen. Maar ik denk stiekem wel eens… mensen moesten eens weten wat voor dagen ik heb. Hoe mijn leven er nu uit ziet. Gister nog…’


Culturele worsteling  

Ik zie de pijn in haar ogen. Ik zeg haar wat ik zie. Hoe ik haar de vrijheid gun. Ik wijs haar op de keuzes die ze kan maken. Maar noem ook dat ik haar worsteling voel. De grote verschillen tussen deze twee culturen. De loyaliteit naar haar familie. En hoe gemakkelijk het voor mij, als blonde Nederlandse, is om hierover te spreken. ‘Veel Nederlanders begrijpen het niet. Mijn moeder had op een gegeven moment een psycholoog. Hij zei tegen haar dat ze haar kinderen gewoon moest laten gaan. Waarom was dat zo moeilijk? Hij had géén idee van onze cultuur.’ In het schrale Tl-licht zie ik de tranen die over haar gezicht lopen. Dit meisje draagt niet alleen de eer maar neemt ook de hele verantwoordelijkheid van haar familie op zich. Ongelooflijk dat ze onder deze omstandigheden haar diploma heeft weten te halen. ‘Ik heb niet echt iemand om mee te praten. Mijn nichtje zei gister tegen me dat ik er misschien met een hulpverlener over moet praten. Maar ik durf het niet. Mijn huisarts kent ons gezin zó goed. Wat gaat er dan gebeuren?’


Keuzes 

Samen kijken we naar de mogelijkheden. Ze kijkt me aan. ‘Ik denk dat het inderdaad wel tijd wordt. Dat het goed zal zijn.’ Ik vertel haar hoe sterk ze is. Ze heeft al zoveel gedragen, nu is het moment om voor zichzelf te kiezen. De bewustwording van die keuze is op dit moment wellicht nog belangrijker dan de keuze zelf. Ze verdient het dat iemand nu eens echt naar háár luistert. Ze huilt en glimlacht tegelijk. Haar donkere ogen spreken boekdelen. ‘Jammer dat ik alsnog mijn make-up bij moet werken…’
 
Broodje kaas
Daar, bij die toiletten, midden in de waan van de dag, had ik het fijnste gesprek van het jaar met Amira. Geen tafel tussen ons in. Geen geforceerde student-docent verhouding. Geen rapportages. Enkel contact tussen twee mensen. En terwijl ik met mijn bleke huid, terug loop naar het lokaal waar mijn broodjes kaas in mijn tas lonken, bedenk ik me opeens iets. Ik ben niet eens naar de wc geweest.

 

Commentaar schrijven

Commentaren: 0